Professor Lieven Vandersypen (Foto: Studio Oostrum)

NWO heeft bekend gemaakt dat onze directeur Onderzoek Lieven Vandersypen de NWO-Spinozapremie krijgt toegekend. De Spinozapremie is de hoogste onderscheiding in de Nederlandse wetenschap. Elke laureaat ontvangt 2,5 miljoen euro, die zij kunnen besteden aan wetenschappelijk onderzoek en activiteiten op het gebied van kennisbenutting.

Lieven Vandersypen (1972) is Antoni van Leeuwenhoek professor in de Quantum-nanowetenschappen aan de TU Delft en wetenschappelijk directeur van QuTech. Vandersypen is een wereldwijd vermaard pionier op het gebied van quantum computing: de tak van wetenschap die een computer ontwikkelt gebaseerd op de ongerijmde fenomenen uit de quantummechanica.

Quantum computers zijn geschikt om rekenproblemen op te lossen die zelfs voor de beste supercomputers te omvangrijk zijn, zoals het uitrekenen van de eigenschappen van moleculen en materialen. Zo kunnen ze bijdragen aan grote maatschappelijke uitdagingen, van energie tot veiligheid en gezondheid. Lieven Vandersypen wil de meest fundamentele eigenschappen van de natuur bruikbaar maken en doet daarom al meer dan twintig jaar leidende experimenten die richting geven aan het veld van quantum computing.

Reeds tijdens zijn promotieonderzoek realiseerde Vandersypen zijn eerste wereldwijde primeur: hij gebruikte de zogeheten spins van atoomkernen in moleculen als qubits, de bouwstenen van een quantum computer, en wist met 7 van deze qubits het getal 15 te ontbinden in de factoren 3 en 5. Hiermee bewees hij dat het rekenen met qubits niet alleen theoretisch, maar ook in de praktijk mogelijk is.

Na zijn promotie is Vandersypen overgestapt van kernspins in moleculen naar de spins van elektronen in quantum dots, minuscule objecten van een halfgeleidermateriaal waarin de wetten van de quantummechanica de dienst uitmaken. Deze lijken in veel opzichten op transistors en zijn daarom geschikt om grote aantallen qubits in een chip te integreren. Hij wist als eerste ter wereld dit soort individuele elektronenspins te manipuleren, zowel met magnetische als met elektrische velden. Later was hij ook de eerste om quantum algoritmes op twee van die elektronenspins te draaien en om quantum interactie te laten zien tussen een elektronspin en een microgolf lichtdeeltje. Ook liet hij zien dat dezelfde quantum dots kunnen dienen om exotische vormen van magnetisme in te bestuderen.

Vandersypen is niet alleen een uitstekend wetenschapper, maar ook een visionair die zijn veld verder brengt door de samenwerking te zoeken met partners binnen en buiten de wetenschap. Zo stond hij mede aan de basis van het Delftse onderzoeksinstituut QuTech, een samenwerking tussen TU Delft en TNO, en overtuigde hij het Amerikaanse Intel ervan een langjarige samenwerking met QuTech aan te gaan. Daarnaast is Vandersypen een van de grondleggers van het demonstratieproject Quantum Inspire. Dit is de eerste Europese online quantum computer waarmee je twee verschillende soorten qubits vanuit je huis kunt aansturen.

Vandersypen is een veel gelauwerd wetenschapper wiens onderzoeksplannen zijn gehonoreerd met meerdere prestigieuze beurzen. Zo kreeg hij een Vidi en Vici premie, en ERC Starting Investigator, Synergy en Advanced Grants. Hij heeft veel ervaring met het leiden van grote groepen wetenschappers, ingenieurs, technici en ondersteunende staf en heeft een grote aantrekkingskracht op internationale studenten, promovendi en postdocs. Inmiddels hebben tien van zijn oud-groepsleden hun eigen onderzoeksgroep op prestigieuze instellingen over de hele wereld.

De Spinozacommissie is ervan overtuigd dat Lieven Vandersypen met zijn kwaliteiten, visie en drive gecombineerd met zijn uitstekende netwerk van academische en private samenwerkingspartners de komende jaren de volgende grote wetenschappelijke en technologische doorbraken zal kunnen realiseren die nodig zijn om de beloften van de quantum computer waar te kunnen maken.

Bron: NWO Spinoza premie
Lees meer in dit artikel van QuTech, Vandersypen is een van de oprichters van onderzoeksinstituut QuTech, een samenwerking tussen TU Delft en TNO.

De international MicroNanoConference is de conferentie van MinacNed voor en door leden. We organiseren dit congres jaarlijks samen met een groep leden vanuit industrie en wetenschap. Deze enthousiaste groep vrijwilligers zet hiervoor hun eigen kennis en netwerk in om een programma voor de iMNC neer te zetten.

Uit enquêtes na eerdere edities van de iMNC kwam duidelijk naar voren dat het netwerken een belangrijk doel is van de deelnemers. Een online platform biedt minder mogelijkheden voor netwerken, hierom is de focus gelegd op iMNC21 als fysiek event in de Jaarbeurs.

Vanuit dat oogpunt was dit jaar de locatie gereserveerd, was er een internationale groep aan sprekers uitgenodigd en stond er een fantastisch programma klaar dat zowel op technische thema’s als ook op meer maatschappelijk brede thema’s ingaat. Echter, voor een geslaagd evenement hebben we niet alleen een goed inhoudelijk en georganiseerd programma nodig maar vooral ook de inzet en steun van deelnemers en sponsoren die als exposant willen deelnemen.

Het blijkt ontzettend lastig om in deze tijden van grote onzekerheid door de Covid-19 maatregelen tijdig voldoende zekerheid te krijgen dat we een congres kunnen organiseren met een grote (internationale) deelname.

Hierdoor zagen we twee risico’s ontstaan. Er was het risico (door onvoldoende deelnemers en sponsoren) dat de kosten hoger zouden uitvallen dan de inkomsten. Daarnaast was er een even groot risico voor deelnemers en voor exposanten die investeren in een evenement dat niet voldoende mogelijkheden zou bieden om te netwerken en daarmee de eigen doelstellingen te behalen. Als MinacNed en het gehele team dat de iMNC21 organiseert, moeten we deze risico’s vermijden. Daarom heeft het MinacNed bestuur helaas moeten besluiten om de iMNC21 dit jaar niet door te laten gaan.

Het bestuur van MinacNed wil alle leden, OC- en PC-commissieleden en alle betrokkenen die zich reeds hebben ingezet voor de voorbereidingen hartelijk bedanken voor hun bijdragen en daarnaast verontschuldigingen aanbieden omdat deze voorbereidingen nu helaas niet zullen uitmonden in de iMNC21.

Er wordt op dit moment gekeken of het lezingenprogramma dat is samengesteld voor iMNC21 op een andere manier kan worden gepresenteerd. Dit kan zowel in kleine fysieke events als ook in online events worden georganiseerd. In welke vorm en op welke data deze events plaats hebben is op dit moment nog niet bekend. We houden u hiervan op de hoogte.

iMNC21 geannuleerd – toelichting bestuur MinacNed (pdf)

De eerste MinacNed leden hebben zich aangemeld als exposant voor de international MicroNanoConference 2021 op 2-3 December 2021.

iMNC21 thema
From science to market – scale-up in nanotech

De eerste sponsors zijn onder meer Bronkhorst High-Tech, leidend bedrijf op het gebied van flow fluidics handling technology. Ook Lionix International BV, een toonaangevende wereldwijde leverancier van op maat gemaakte microsysteem oplossingen in schaalbare productievolumes. Eerder al kondigden we Maser Engineering BV aan, een onafhankelijk technisch servicebedrijf dat betrouwbaarheidstesten en storingsanalysediensten levert aan de halfgeleider- en elektronische systeemindustrie.

Ook dit jaar een startup corner met PhotoSynthetic, met CEO Alexander Kostenko die op de online iMNC2020 de Best Company Pitch Award won. en een deel van de startup corner is PhotoSynthetic. Photosynthetic ontwikkelt een 3D-lithografietechnologie die het mogelijk maakt om objecten met kenmerken van minder dan een micron en printsnelheden van 1-10 mm3 / minuut in 3D te printen.

Denkt u erover na om als exposant deel te nemen aan iMNC21 dan hier een overicht van wat u kunt verwachten van de International MicroNanoConference 2021:

  • Uitstekend programma met sprekers uit de industrie en academie
  • Exposanten uit de industrie van micro en nanotechnologie
  • Posterpresentaties en poster pitches
  • Netwerkmogelijkheden (B2Match)
  • Informeel netwerken tijdens het avondprogramma met congresdiner
  • 2018 en 2019: tot 400 nationale en internationale deelnemers

Lees meer over de kansenen mogelijkheden voor exposanten in de flyer via www.micronanoconference.org/exhibitor-info-imnc21/

De deelnemende MinacNed leden als sponsor:

Bronkhorst High-Tech
Lionix International BV
Maser Engineering BV
PhotoSynthetic

De Groeifonds projectaanvraag NXTGEN HIGHTECH is geselecteerd om nader uit te werken in een plan dat in October 2021 ingediend gaat worden. Nederland is internationaal vooraanstaand als het gaat om ‘ultra-precision high-tech equipment’ and het doel is om deze expertise toe te passen in NXTGEN HIGHTECH voor de productie van onder andere Organs-on-Chips. In totaal zijn er 28 projecten geselecteerd van de 244 ingediende aanvragen.

De Topsector HTSM heeft in nauwe samenwerking met de universiteiten, hogescholen, overheid, industrie en andere topsectoren een breed programma opgezet met een budget van ongeveer  € ~1.5 billion voor de ontwikkeling van next generation High Tech Equipment voor de high tech industrie. Een van de 6 domeinen onder NXTGEN HIGHTECH is ‘Biomedical Production Technologies’ en wordt gecoordineerd door by Berend van Meer namens hDMT. Het doel van dit domein is opschalen van de productie van ‘Labs-On-Chips, Organs-On-Chips, Artificial Organs en Cell Production Equipment, waarin industriele standaardisatie en kwalificatie onmisbaar zijn.

Wanneer het project een toekenning krijgt voor financiering, worden hDMT partners nauw betrokken bij de verdere uitwerking en opzet van de vervolgstappen van het project. Voor meer informatie over NXTGEN HIGHTECH zie https://www.hollandhightech.nl/nxtgen-hightech and about the National ‘Groeifonds’ see https://www.nationaalgroeifonds.nl/.

Bron: hDMT

Vandaag viert Surfix zijn 10e verjaardag! Surfix is ​​opgericht als spin-off van Wageningen University. Onlangs heeft het bedrijf grote stappen gezet op weg naar volwassenheid.
Wageningen, Nederland, 1 april 2021

Tien jaar geleden erkenden de oprichters van Surfix dat controle van oppervlakte-eigenschappen een essentiële vereiste is voor succesvolle toepassing van micro- en nanotechnologie. En nog belangrijker, ze zagen ook de zakelijke mogelijkheid die dit vertegenwoordigde.

Han Zuilhof, oprichter van Surfix en hoogleraar Organische Chemie aan Wageningen University, zei: ”Gedurende 15 jaar onderzoek in mijn laboratorium hebben we een aantal patenten gepubliceerd over chemische oppervlaktemodificatie. Het starten van een bedrijf leek de beste manier om er iets uit te halen, en ik kende al de beste persoon om dit te doen: mijn voormalig promovendus Luc Scheres. Met Lionix en Aquamarijn vonden we investeerders die er niet alleen voor het geld in zaten, maar ook op andere manieren wilden bijdragen. Met deze combinatie van conceptuele innovatie, energieke drive en gedegen bedrijfservaring waren we klaar om te gaan! ”

Surfix is ​​begonnen als leverancier van R & D-diensten op het gebied van nanocoatings. In het afgelopen decennium is Surfix gestaag gegroeid en heeft het op maat gemaakte nanocoatings ontwikkeld in een breed scala aan projecten voor klanten van alle soorten en maten. Geleidelijk ontstond er een focus op nanocoatings voor biosensoren en microfluïdische apparaten. In dit proces heeft Surfix ook zijn technologische basis versterkt en uitgebreid door verschillende nieuwe gepatenteerde nanocoatingprocessen te ontwikkelen.

De volgende belangrijke mijlpaal voor Surfix was de overname door de Nederlandse bedrijven Lionix International en Qurin Diagnostics in 2019, gevolgd door een extra investering van PhotonDelta in 2020. Surfix richt zich nu op het ontwikkelen en vermarkten van een diagnostisch platform op basis van een fotonische biochip.

CEO Maarten Buijs zei: “Surfix is ​​begonnen met het ontwikkelen van nanocoatingprocessen, daarna overgestapt op nanocoating-verbeterde componenten, en maakt nu de volgende stap om deze componenten in een product te integreren. Het afgelopen jaar hebben we ons gericht op het worden van een diagnostisch bedrijf. Alles wijst erop dat de unieke mogelijkheden van Surfix op het gebied van fotonische biosensing een grootschalige toepassing van point-of-need diagnostiek op verschillende gebieden mogelijk zullen maken. De aanvankelijke doelgebieden zijn vroege diagnose van kanker, detectie van covid-19 en detectie van pathogenen in water voor aquacultuur ”.

CTO en oprichter Luc Scheres zei: “Ik ben erg blij en dankbaar om vandaag de tiende verjaardag van Surfix te vieren! We zouden deze mijlpaal niet hebben bereikt zonder het harde werk van onze medewerkers, het loyale vertrouwen van onze klanten en leveranciers en de liefdevolle steun van onze familie en goede vrienden. We hebben een lange weg afgelegd en ik kijk uit naar nog veel meer spannende ontwikkelingen bij Surfix in de komende jaren! ”

Neem contact op met info@surfix.nl voor meer informatie of kijk op www.surfix.nl.

Over Surfix

Surfix is ​​in 2011 opgericht als spin-off van het laboratorium voor Organische Chemie van Wageningen University & Research en is in 2019 overgenomen door de Nederlandse bedrijven Qurin Diagnostics en Lionix International. Surfix kreeg in 2020 financiële steun van publiekprivate samenwerking PhotonDelta om verder te groeien zijn fotonica-bedrijf.
Volg ons op LinkedIn, Vimeo, Twitter of ga voor meer informatie naar https://www.surfix.nl
Alle hierin gebruikte handelsmerken zijn eigendom van hun respectievelijke eigenaren.

Online workshop maakt combinatie van ZEISS Quantum Challenge en hybride conferentie

Vanwege de beperkingen als gevolg van de COVID-19-pandemie, kan de QuApps-conferentie niet plaatsvinden als een persoonlijk evenement in maart 2021 zoals oorspronkelijk gepland. Om deze reden zal er een combinatie plaatsvinden van een online evenement op 2 maart 2021 en een hybride evenement van 13 tot 15 september 2021. Op deze manier is zowel de actualiteit als het persoonlijk contact, wat in dit vakgebied erg belangrijk is, gegarandeerd.

Huidig ​​onderzoek en toepassings van kwantumtechnologie

De internationale QuApps-conferentie gaat over de stand van zaken en de ontwikkeling van kwantumtechnologie. De technologie ontwikkelt zich snel en biedt voorheen onvoorstelbare mogelijkheden voor toekomstige innovaties in het bedrijfsleven en de wetenschap. De vakgebieden omvatten kwantumcomputers, cryptografie en kwantumsensoren. Naast kwantumingenieurs en onderzoekers is het evenement ook gericht op business development strategen en trendscouts in de industrie, maar ook op investeerders en het geïnteresseerde publiek. De deelnemers krijgen diepgaande inzichten in huidig ​​onderzoek en bestaande toepassingen. De focus van de conferentie is de uitwisseling met en tussen gerenommeerde experts in kwantumtechnologie.

Virtuele workshop met deskundige presentaties en prijsuitreiking van de ZEISS Quantum Challenge

QuApps zal op 2 maart 2021 van start gaan met het virtuele evenement “QuApps Online: Workshop on Applications on Quantum Technologies”. De winnaars van de ZEISS Quantum Challenge 2020 worden in dit verband ook bekendgemaakt. Het idee achter de ZEISS Quantum Challenge is om de sprong in kwantumtechnologie vooruit te helpen, van wetenschappelijke toepassing van laboratoriumschaal naar verhandelbare producten.

In 2020 lanceerde ZEISS de Quantum Challenge, een wedstrijd gewijd aan het gebruik van kwantumtechnologieën in sensor- en beeldvormingsapplicaties in een echte omgeving. ZEISS heeft de wetenschappelijke gemeenschap op het gebied van kwantumtechnologie opgeroepen om zes echte uitdagingen aan te gaan in de categorieën medische technologie, microscopie en industriële metrologie. De uitdaging was bedoeld om veelbelovende oplossingen te identificeren. De deelnemers konden deze bespreken onder experts en partners vinden  om deze ideeën samen verder te brengen. De bijdragen van de vele deelnemers werden beoordeeld door een jury van experts. De winnaars zijn nu gekozen. Als onderdeel van de QuApps Online Conference worden deze op 2 maart 2021 aangekondigd en presenteren ze hun benadering van de professionele wereld.

Niews bericht via IVAM

In een door NWO gesteunde publiek-private samenwerking werkten meetapparatuurspecialisten Bronkhorst en Krohne samen met de technische universiteiten van Delft en Twente om debietmeters naar de volgende generatie te brengen. Hun doel: nieuwe en innovatieve meters ontwikkelen die realtime inzicht en analyse van stromende media kunnen bieden, allemaal zonder de stroom te hoeven onderbreken.

Auteur: Collin Arocho, Bits & Chips
Foto: An ultrasonic flow meter installed on a customer setup. Credit: Bronkhorst

In all high tech industrie wordt gewerkt aan manieren om gegevens te verzamelen en analyses te gebruiken om het meeste uit hun producten te halen. Volgens de experts van Bronkhorst High-Tech en Krohne Altometer beweegt de markt voor stroommetingen onvermijdelijk in dezelfde richting. “We willen meer kunnen meten dan alleen de mediumstroom door een buis. We willen het debiet en andere parameters zoals dichtheid, viscositeit en andere betekenisvolle grootheden meten ”, legt Joost Lötters, wetenschappelijk medewerker bij Bronkhorst, uit.

In de industrie heeft Lötters zich meer dan twintig jaar gericht op het ontwikkelen van massastroommeters die worden gebruikt voor het meten en regelen van de stroom van vloeistof en gas voor een verscheidenheid aan toepassingen in laboratoria, machines, industriële en gevaarlijke gebieden. Naast deze “dagbaan” bij Bronkhorst is hij parttime hoogleraar microfluïdische handlingsystemen aan de technische universiteiten (TU’s) in zowel Delft als Twente. Dit betekent dat hij als het gaat om kennis van de markt voor meetapparatuur, de eisen van de klant goed begrijpt, evenals de technologische innovaties die nodig zijn in het domein.

In 2014 kreeg Lötters lucht van het stimuleringsprogramma voor partnerschapsonderzoek via de Nederlandse Onderzoeksraad (NWO), waarbij de raad fondsen, van 3-10 miljoen euro, zou matchen om publiek-private samenwerkingsprojecten te ondersteunen. Met voorkennis van de onderzoeksmogelijkheden bij de TU’s, nam hij contact op met zijn collega’s bij Krohne om het ontwikkelingsproces van de volgende generatie flowmeters te begeleiden in een programma genaamd ‘Flow +’ – gericht op het verzamelen en benutten van waardevolle gegevens om klanten meer te geven inzicht en kosten verlagen.

Onderzoekers werden uitgenodigd om voorstellen in te dienen over hoe hun idee in het programma zou passen. “We hebben de voorstellen bekeken door de lens van de technologiegereedheidsniveaus van NASA”, zegt André Boer, de algemeen directeur van Krohne. “Universiteiten werken doorgaans tot niveau 3 of 4, de fase van een proof-of-concept of functioneel model. Voor Flow + wilden we iets geavanceerder: we wilden naar TRL 6, een volledig functioneel en verplaatsbaar model, met de ambitie om het helemaal naar niveau 9 te brengen – missiesucces. We wilden onze expertise gebruiken om de onderzoekers te helpen de kloof te overbruggen en om uit de eerste hand ervaring op te doen uit de industrie, maar ook om onze producten op de markt te krijgen. ”

Ultrasonic

De medewerkers ontvingen in totaal 18 inzendingen van projectontwerpen. Vier voorstellen haalden de laatste ronde. Nu, een paar jaar later, zijn twee van de projecten al gerijpt tot TRL 5. De eerste is een ultrasone flowmeter, afkomstig van de TU Delft. Door dit kleine apparaat aan een buis te klemmen, gebruikt het systeem geluidsgolven om de stroom binnenin te penetreren en te meten, waarbij waardevolle informatie wordt verzameld, zoals de buisdiameter, wanddikte en snelheid van de vloeistof.

“Hiervoor is een zeer intelligent systeem vereist dat zichzelf automatisch kan kalibreren in elke omgeving”, zegt Jankees Hogendoorn, algemeen directeur van Krohne’s New Technologies Group. “In deze opstelling gebruikt het systeem een ​​gefaseerde reeks transducers – een groep sensoren – om de akoestische straal naar specifieke punten en specifieke vlakken te sturen om informatie te verzamelen over een volledige doorsnede van de buis. Hierdoor kunnen we waardevolle gegevens verzamelen en de stroomsnelheid van punt naar punt bepalen zonder dat we in de leiding hoeven te snijden. ” Dit betekent dat eindgebruikers niet alleen nauwkeurigere analytische gegevens ontvangen dan ooit tevoren, maar ook de gezondheid en stabiliteit van pijpleidingen kunnen bewaken terwijl ze een snellere installatie realiseren met minimaal risico op lekken en een verlaging van de totale kosten.

“Ik werk al 35 jaar bij Krohne en we zijn al heel vroeg begonnen met het ontwikkelen van ultrasone flowmeters, omdat dit een van onze grootste wensen was”, zegt algemeen directeur Boer. “Hoewel de ideeën er waren, als het erom ging zo’n tool te produceren – vergeet het maar. De technologie die door de TU Delft wordt ontwikkeld, bestond twintig of dertig jaar geleden nog niet. Mede daarom is deze samenwerking met de TU’s in onze ogen zo’n succes. Via dit programma hebben we gebruik kunnen maken van de laatste ontwikkelingen en hebben we next-gen technologie kunnen realiseren.”

Flow+ PhD student werkt aan de micro Coriolis flow sensor in het lab van de UT. Credit: Flow+

Coriolis

Het tweede van de meest geavanceerde projecten is de thermische geluidsbeperkte Coriolis-stroommeter, een samenwerking tussen de TU’s van Delft en Twente. Een stromingssensor van het Coriolis-type bestaat uit een trillende buis waardoor een vloeistof stroomt. De bewegende massa van de vloeistof resulteert in Coriolis-krachten die inwerken op de trillende buis die kunnen worden gedetecteerd en gebruikt om te bepalen hoeveel stof er per seconde passeert. Bij het meten van gassen kan het echter een beetje lastig zijn vanwege hun lage dichtheid – wat betekent dat er veel druk nodig is om de gasstroom door de buis te duwen.

“Door een inline-oplossing te creëren, kunnen we alle relevante gegevens verzamelen en ervoor zorgen dat de high-throughput-processen in realtime kunnen worden gecontroleerd en aangepast, waardoor de downtime van het systeem wordt beperkt”, legt Lötters uit. “Bij Bronkhorst zijn we gespecialiseerd in het toepassen van het Coriolis-principe voor ultralow liquid flow rates en willen we dit principe voor het meten van gasstromen verbeteren. Maar om dat te doen, moeten we de signaal-ruisverhouding van het apparaat drastisch verbeteren, aangezien de massastromen voor gassen veel lager zijn dan die voor vloeistoffen vanwege hun lagere dichtheden. ”

Om een ​​oplossing te vinden, heeft Twente de rol op zich genomen om de gevoeligheid van de sensoren te verbeteren om lagere stromen te meten. Ondertussen heeft Delft de elektronica die wordt gebruikt om het geluidsniveau te verlagen, verbeterd. Na een paar iteraties van in-house ontwikkeling, is dit team dicht bij het realiseren van een aangepaste ASIC-chip die zal worden geïntegreerd met de verbeterde sensor uit Twente op weg naar een marktwaardig product.

Printplaat met de micro Coriolis flow sensor chip in het midden gemonteerd. Credit: Flow +

Plus

“Het bewijs van de pudding zit in het eten, dus we moeten nog zien hoe het allemaal integreert, maar ik zou deze samenwerking een succes willen noemen”, zegt Lötters. “Er zijn nog steeds enkele vragen die we aanpakken terwijl we door de technologische paraatheidsniveaus gaan. Maar onze visie om ‘flow plus iets anders’ te meten wordt gerealiseerd. Nu meten we de stroom. Vervolgens meten we het debiet plus hoeveelheden zoals dichtheid, viscositeit en warmtecapaciteit. Ten slotte gaan we naar herkenning van gassen, vloeistoffen en bepaling van de samenstelling van gas- en vloeistofmengsels, bijvoorbeeld door een machine-learning component toe te voegen. Het is een stapsgewijs proces, maar dat is de richting die we gaan. ”

In termen van toekomstige toepassing van de Flow + -oplossingen zijn de marktmogelijkheden behoorlijk divers. “Toepassingen van deze systemen variëren van medische oplossingen zoals het meten van de samenstelling van medicijnmengsels van multi-infusie-opstellingen in ziekenhuizen en voedingstoevoer en afvalafvoer in organ-on-a-chip-systemen tot het meten van de energie-inhoud in mengsels van brandstofgassen of onderzoek naar katalysatoren en recepten voor het effectief winnen van olie uit bronnen in de olie- en gasindustrie en vele andere ”, illustreert Lötters. “Al deze industrieën zijn afhankelijk van het monitoren en meten van zowel de stroom in een pijpleiding als de inhoud van de stromende media.”

Flow+

Voor het Flow + project werkten meetapparatuurspecialisten Bronkhorst High-Tech en Krohne Altometer samen met de TU Delft en de Universiteit Twente om de volgende generatie flowmeters te ontwikkelen met verbeterde mogelijkheden voor gegevensverzameling en verhoogde gevoeligheid. Het project wordt mede gefinancierd door Holland High Tech, Topsector HTSM en de Nederlandse Onderzoeksraad (NWO) met een publiekprivate samenwerkingssubsidie ​​voor onderzoek en innovatie.

Artikel via Holland High Tech news