Tot en met 4 november 2021 is het mogelijk om voorstellen in te dienen voor internationale R&D-samenwerkingsprojecten, gericht op innovatieve oplossingen rondom het transport van waterstof. De beste projectvoorstellen worden gehonoreerd met subsidies tot 500.000 euro. Lees hier meer.

Waterstof vraagt om nieuwe innovaties

Waterstof biedt grote kansen voor de toekomst. Maar het benutten van die kansen vraagt om veel onderzoek. Bijvoorbeeld: hoe kunnen gas-netwerken geschikt worden gemaakt voor het transport van waterstof? En hoe zit het met de efficiency (en de risico’s) bij opslag en transport? Andere vragen hebben betrekking op bijvoorbeeld materiaal-eisen, op ‘slimme’ aanpassingen aan de infrastructuur (monitoring, controle, sensoren, smart meters), of uitdagingen rondom het integreren van ‘vaste’ infrastructuur met mobiele transportvormen (per schip, over de weg).

Dit zijn allemaal onderwerpen die voorkomen in een recente subsidie-call van het Eureka-programma: ‘Green Hydrogen – European Infrastructure for transporting hydrogen’. In deze call worden partijen opgeroepen om voorstellen in te dienen voor internationale samenwerkingsprojecten rondom R&D en innovatieve oplossingen waarbij groene waterstof een centrale rol speelt.

Europese call voor waterstof-infrastructuur

In de call ligt veel nadruk op innovatieve oplossingen voor het transport van waterstof. Het gaat daarbij om onder meer:

  • analyses van verschillende transportopties (bijvoorbeeld direct transport versus LOHC, versus waterstofdragende stoffen) of van potentiële invoerroutes voor waterstof van overzee;
  • het combineren van netwerken voor elektriciteit, gas en verwarming (en de integratie van waterstof daarin);
  • internationale certificeringsopties voor waterstof en waterstofderivaten;
  • overgangsontwerp van gas naar geïntegreerde energienetwerken voor Europa;
  • R&D gericht op 100% hernieuwbare (groene) waterstof geïntegreerd in verschillende consumptiesectoren, waarmee het gebruik van fossiele grondstoffen fors verlaagd kan worden.

Daarnaast biedt de call ook ruimte voor andere waterstof-gerelateerde innovaties, bijvoorbeeld in thema’s als:

  • batterijen en brandstofcellen (en de bijbehorende productieprocessen);
  • proefinstallaties voor H2-opwekking en -opslag uit hernieuwbare bronnen (wind, zon);
  • nieuwe apparaten/systemen voor controle, regeling en distributie van waterstof (en daarmee verband houdende processen, met inbegrip van nieuwe materialen en sensoren);
  • verbeterde infrastructuren voor waterstofproductie, -gebruik en -uitbreiding (engineering, simulaties, constructie, logistiek);
  • nieuwe processen waarbij waterstof wordt gebruikt op industrieniveau (met name zware industrieën die van oudsher olie en gas gebruiken, zoals chemie, cement, scheepvaart).

Deadlines, doelgroep en subsidiebedragen

Het insturen van projectvoorstellen voor de Waterstof-call is nog mogelijk tot 5 november 2021. Dit is alléén mogelijk voor partijen uit de volgende acht landen: Nederland, België (Vlaanderen), Canada, Duitsland, Finland, Ierland, Portugal en Spanje.

Het beoogde project moet in ieder geval:

  • bestaan uit werkzaamheden gericht op de bovenstaande onderwerpen en thema’s;
  • worden uitgevoerd door een internationaal samenwerkingsverband (bestaande uit minimaal 2 samenwerkende partners uit de bovengenoemde landen);
  • worden gekenmerkt door een evenwichtige inbreng van de partners (hiervoor geldt een ratio van maximaal 70% – 30%);
  • een duur hebben van maximaal 36 maanden en van start gaan vanaf 15 mei 2022.

Projecten die in Brussel positief worden beoordeeld, kunnen vervolgens een subsidieaanvraag indienen (op nationaal niveau). Die tweede fase loopt voor Nederlandse partijen van 15 november 2021 tot en met 18 januari 2022. Zij kunnen een nationale Eureka subsidie aanvragen tot 500.000 euro. Het beschikbare budget voor Nederlandse projectpartners bedraagt in totaal 2 miljoen euro. Voor partijen buiten Nederland gelden afwijkende bedragen en termijnen.

Bron: EGEN nieuws

Lees meer over deze call op de pagina van de EUREKA Call bij RVO.

Invest-NL neemt voor € 5 miljoen deel in een investeringsronde van € 10 miljoen voor Delft IMP. De andere investeerder is het Noorse Sandwater.

De financiële injectie zal worden gebruikt om de nanocoating technologie van Delft IMP verder op te schalen. Hierdoor worden duurzamere batterijen en andere duurzame toepassingen mogelijk.

Delft IMP (“Intensified Material Production”) is een spin-off van de TU Delft en heeft unieke expertise in het ontwikkelen van ultradunne coatings op poeders en beschikt over gepatenteerde technologie om deze materialen op schaal te produceren. De ultradunne nanocoatings beschermen de materiaalpoeders in de batterij en verbeteren zo de levensduur.

Met deze applicatietechnologie is Delft IMP in staat om het proces te beheersen om de filmdikte te optimaliseren en het gebruik van schaarse grondstoffen, zoals kobalt, te verminderen. Duurzaam gebruik van grondstoffen is hun handelsmerk, omdat de technologie die men toepast op poeders een veel breder scala aan toepassingen heeft. Ze zijn bijvoorbeeld ook een belangrijke speler in de ontwikkeling van innovatieve elektrolysers en brandstofcellentechnologieën.

CEO Dr. Roderik Colen: ”Met deze investering kunnen we bijdragen aan het verminderen van het gebruik van schaarse grondstoffen. We brengen ultradunne coatings aan op poedermateriaal en maken productie op schaal mogelijk met een unieke technologie afkomstig van de TU Delft.”

“Invest-NL investeert in bedrijven die Nederland duurzamer en innovatiever maken,” aldus Wouter van Westenbrugge, Senior Investment Manager bij Invest-NL, “De vooruitstrevende applicatietechnologie van Delft IMP kan de energietransitie aanzienlijk versnellen en levert daarnaast een forse verlaging op van de CO2 uitstoot bij de productie van batterijen.”

Bron: Invest-NL nieuws

MASER Engineering, het technologisch toonaangevende testcentrum voor storingen en betrouwbaarheid in Europa, en Eurofins Scientific, een internationale, gerenommeerde laboratoriumgroep, zijn een overeenkomst aangegaan overeenkomst waarbij Eurofins Scientific de aandelen van MASER Engineering BV zal verwerven. Het huidige uitvoerend management zal ook deelnemen via een minderheidsbelang.

MASER en Eurofins delen een vergelijkbare filosofie en vullen elkaar perfect aan. Samen hebben de twee bedrijven grote ambities om de Europese markt specifiek te laten groeien in
de halfgeleider- en elektronische systeemindustrie. De nieuwe eigenaar zal MASER ook extra kansen bieden op de internationale markt, met name binnen de Bedrijfslijn Eurofins Materials & Engineering Sciences.

“We zijn erg blij dat er een sterke partner is gevonden die technisch innovatief, duurzaam en groeigericht is”, leggen Hans Kemper en Kees Revenberg, oprichters en voormalige eigenaren van MASER Engineering. De Nederlandse activiteiten van MASER blijven bestaan ​​om klanten de beste service te blijven bieden. MASER’s handelsmerken van flexibiliteit, leverbetrouwbaarheid en consistent reageren op de behoeften van de klant zullen verder worden versterkt. De bestaande klant- en leveranciersrelaties worden gecontinueerd en geïntensiveerd.

Thijs Kempers, CEO van MASER, zal zorgen voor een vlotte voortzetting van MASER na de overname en zal zijn rol als CEO voortzetten. “Ik zet me in om continuïteit te creëren voor zowel onze klanten als onze medewerkers en om positieve ontwikkelingsmogelijkheden te creëren voor de medewerkers van MASER. Onze uitbreidingsplannen zijn in uitvoering en ik ben erg
vol vertrouwen in de toekomst van MASER.”

Over MASER Engineering BV

MASER Engineering is in 1993 opgericht in Enschede en is een geaccrediteerd onafhankelijk engineering testcentrum met een breed en diepgaand dienstenpakket. Het bedrijf is een leider op het gebied van betrouwbaarheidstesten en storingsanalyse. Het hoofdkantoor is gevestigd op de ‘Kenniscampus Twente’ (kennispark Twente) in Enschede met in totaal 56 medewerkers.

Over Eurofins Scientific

Met een jaaromzet van meer dan 5 miljard euro, 55.000 medewerkers en een netwerk van meer dan 900 onafhankelijke bedrijven in 50 landen, is Eurofins Scientific een toonaangevende internationale laboratoriumgroep, met een uniek scala aan analytische en servicemogelijkheden voor de farmaceutische, voedings-, milieu- en consumptiegoederenindustrie. Als geaccrediteerd en
internationaal erkend netwerk van testlaboratoria, voert Eurofins onafhankelijke testen uit van technische apparatuur en componenten. Het biedt ook conformiteitsbeoordelingsoplossingen voor:
nationale, Europese en internationale markttoegang.

Lees meer over MASER Engineering

Bron: persbericht MASER Engineering

In 2021 en 2022 organiseert MinacNed pre-events in de aanloop naar de international MicroNanoConference 2022. De symposia zijn live events in Nederland, met een interessant programma met sprekers uit de industrie en wetenschap, met gelegenheid tot netwerken.

De Nano4Society-thema’s komen uit de internationale MicroNanoConference. Het team van MinacNed heeft als doel zowel (deep) tech events te organiseren als ook meer hoog in het vaandel te hebben bij thema’s als IP, HR en symposia over consortia en samenwerking. MinacNed leden zijn welkom om ideeën te delen met het team van MinacNed.

Micro Nano Symposium:

Op 23 november wordt een Micro Nano Symposium georganiseerd rond de Groeifonds-aanvraag 2021. Het consortium van partners uit wetenschap en industrie dat verantwoordelijk is voor de aanvraag van het Groeifonds (Groeifonds 2021) zal de indiening van hun aanvraag, met name het focusthema Biomedische aanvragen onder het NXTGen High Tech-programma, vieren tijdens een evenement op dinsdag 23 november 2021.

From science to market: biomedical production technology
Biomedische productietechnologie houdt geen gelijke tred met innovaties in het biomedische domein. De (academische) kennis in Nederland is op zeer hoog niveau op het gebied van Lab-on-Chip, Organ-on-Chip, Kunstmatige Organen en Celproductietechnologie, maar wordt niet (goed) omgezet in producten. De belangrijkste reden hiervoor is dat een multidisciplinaire keten vereist is van leveranciers van hoogwaardige specifieke componenten op zowel technologisch als biologisch gebied. Hoewel de benodigde partijen in Nederland aanwezig zijn, sluiten hun productieapparatuur en processen nog niet op elkaar aan. Deze grote uitdagingen kunnen niet door een paar partijen worden opgelost, maar er is een grote samenwerking nodig om producten uit de bestaande ontwikkelde bouwstenen (bijv. sensoren, chips, biomaterialen) te kunnen ontwerpen en functioneel te kwalificeren om vervolgens te komen tot opschaling en de groeiende (wereldmarkt.

MinacNed, hDMT, MESA+ en Nano4Society organiseren een pre-event van de internationale MicroNano Conference 2022 om dit onderwerp aan de orde te stellen en zullen stappen presenteren die momenteel worden genomen om een ​​ecosysteem op te zetten met een unieke en eerste in zijn soort productieketen in de Nederland.

Het event wordt fysiek georganiseerd in Enschede, locatie The Gallery.

Lees meer en registreer direct

Koningin Maxima ‘opent’ supercomputer (credits: Vera Duivenvoorden)

14 biljard berekeningen per seconde maakt de nieuwe nationale supercomputer Snellius. Hierdoor zijn Nederlandse onderzoekers in staat nog meer wetenschappelijke uitdagingen het hoofd te bieden, bijvoorbeeld op het gebied van klimaatverandering of onderzoek naar corona. Koningin Máxima opende de supercomputer op het Amsterdam Science Park. De nieuwe supercomputer is voor 18 miljoen euro gefinancierd door het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (via NWO) en voor 2 miljoen euro door SURF.

Nieuwe mogelijkheden voor onderzoekers

Tijdens de feestelijke opening sprak onder anderen klimaatwetenschapper Henk Dijkstra over de nieuwe mogelijkheden die Snellius zijn onderzoek biedt:

‘Hiermee kunnen we nieuwe vragen beantwoorden over wat er op dit moment gebeurt met het klimaat ten gevolge van de toename van broeikasgassen. We kunnen ook gedetailleerder verwachtingen maken voor het klimaat van de toekomst, met name het optreden van extremen zoals hittegolven en overvloedige neerslag. Je hebt een supercomputer nodig vanwege de omvang van de berekeningen en de hoeveelheid data die hiermee gemoeid zijn. Dit soort berekeningen zijn praktisch onuitvoerbaar op een laptop.’

NWO-voorzitter Marcel Levi beaamt dat:

‘Door de digitalisering van alle wetenschapsgebieden heeft elke wetenschapper behoefte aan rekencapaciteit. Laagdrempelige toegang tot rekencapaciteit is essentieel voor onderzoekers in Nederland om ook in de toekomst topwetenschap te blijven bedrijven.’

Een krachtige computer

Snellius is toegankelijk voor alle Nederlandse wetenschappers. De supercomputer wordt beheerd door SURF, de ICT-coöperatie van onderwijs en onderzoek, en staat op het Amsterdam Science Park. De computer zelf is gebouwd door Lenovo. Daarnaast was het een belangrijke vereiste dat de nieuwe supercomputer zo energiezuinig mogelijk zou zijn. Dankzij de waterkoelingstechnologie koelt het systeem efficiënter af en is er veel minder luchtkoeling met ventilatoren nodig. Het systeem wordt de komende jaren in fases opgebouwd en krijgt uiteindelijk een peak performance van 14 petaflop/s. Het is daarmee het krachtigste high-performance computing-systeem van Nederland. Door gebruik te maken van de nieuwste generatie GPU’s (graphics processing units) is de computer bovendien zeer goed bruikbaar voor machine learning.

Investeren in digitalisering

De manier waarop er met onderzoeksdata en -bronnen wordt gewerkt verandert sterk. Niet alleen de omvang, maar ook de complexiteit van datasets is fors toegenomen. Om mee te kunnen doen in het veranderende digitale landschap zijn er in het regeerakkoord Rutte III middelen ter beschikking gesteld voor de versterking van de ICT. Naar aanleiding hiervan heeft het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap NWO verzocht om de voorziene investeringen nader uit te werken in een uitvoeringsplan. Hiervoor is een impulsfinanciering van 40 miljoen euro beschikbaar gesteld aan NWO. Deze financiering is bestemd om meer toegankelijke data, een betere digitale infrastructuur, krachtigere rekencapaciteit en meer opslagcapaciteit te bewerkstelligen, en maakt tevens de Snellius computer mogelijk.

Lees ook

Longread van CWI – over hoe CWI-onderzoekers al sinds de aanschaf van de eerste nationale supercomputer in 1984 hebben gerekend op deze krachtige machine: van het testen van beveiligingssleutels tot het simuleren van gas- en vloeistofstromingen en elektrische ontladingen. 

Het VIRAPOC-project betreft de ontwikkeling van een lab-on-a-chip detectieplatform dat gebruik maakt van verschillende sleuteltechnologieën (Nanotechnologie, Life Sciences technologie, semiconductor technologie en Fotonica) om virussen te kunnen detecteren. Het platform wordt een breed inzetbaar platform voor verschillende Point of Care (POC) toepassingen. Nauwkeurige virustesten moeten momenteel nog in een laboratorium uitgevoerd worden. Door de combinatie van kennis en competenties van de projectpartners (Micronit BV, NYtor BV, Holland Innovative BV, Elect BV en D’Andrea & Evers Design BV)  is het mogelijk om nauwkeurig, op een willekeurige locatie in een kort tijdsbestek (< 30 min.) uitslag te krijgen van een test. De detectie van het coronavirus (SAS-CoV-2) is het eerste virus dat men wil detecteren met het platform, na aantonen van het werkingsprincipe voor het coronavirus gaat men andere testen ontwikkelen voor bijv. Influenza, Vitamine D, etc.

De samenwerking is tot stand gekomen uit het Viralert initiatief, waarin MKB-bedrijven samen zijn gaan werken aan innovaties die te maken hebben met het Coronavirus. Het Viralert initiatief is ontstaan naar aanleiding van de hulpvraag van de Nederlandse overheid (Ministerie van Economische Zaken en Klimaat). Micronit BV heeft als kartrekker vervolgens Leap benaderd om mee te denken over de verschillende subsidiemogelijkheden en consortiumvorming voor de ontwikkeling van het virusdetectieplatform.

Vanuit het EFRO OP OOST subsidieproject is het bedrijf Salvitat BV ontstaan dat het detectieplatform (MYKEE) samen met de projectpartners ontwikkelt en uiteindelijk gaat produceren en vermarkten.

Bekijk de gehele case:

Bekijk de video waarin Herbert Torfs, Brigitte Bruijns en Laura Folkertsma meer vertellen over het VIRAPOC project en de totstandkoming van het consortium.

Met dit online matchmaking platform brengen we verschillende partijen uit de wetenschap, het bedrijfsleven, de beroepspraktijk en de wetgeving bij elkaar die willen bijdragen aan de acceptatie en implementatie van bestaande diervrije modellen voor veiligheidsbeoordeling.

Het doel is om gezamenlijk wetenschappelijke en praktijkgerichte onderzoeksvoorstellen en concrete adaptatiemaatregelen te ontwikkelen, met focus op acceptatie, bruikbaarheid en implementatie van bestaande diervrije modellen. We streven naar brede consortia waarin onderzoekers en andere stakeholders uit verschillende domeinen intensief samenwerken.

Deze matchmaking organiseren we in het kader van het NWA-programma Veiligheidstoetsing via diervrije modellen.

Programma

De online bijeenkomst op 28 oktober biedt een gevarieerd en interactief programma om ideeën voor projecten uit te wisselen en nieuwe contacten te leggen. Het programma op hoofdlijnen (zie ook Agenda):

  • 09:00-09:25 Welkom en Introductie NWA-call
  • 09:25-09:50 Uitgenodigde spreker – TBA
  • 09:50-10:10 Break-out sessies
  • 10:10-10:25 Korte pauze en 1:1 vergaderingen
  • 10:25-10:50 Standplaatsen
  • 10:50-11:05 Introductie Impactplan Aanpak
  • 11:05-11:20 Korte pauze en 1:1 vergaderingen
  • 11:20-11:50 Break-out sessies
  • 11:50-12.30 Einde bijeenkomst

Na aanmelding krijg je toegang tot de online sessies via Agenda.

De 1-op-1 gesprekken kun je direct na aanmelding inplannen (ga naar Hoe het werkt voor instructies)

Platform: kansen voor nieuwe samenwerkingen

Om matchmaking zo optimaal mogelijk te faciliteren, bieden wij naast dit evenement een matchmaking platform aan. Na registratie krijg je toegang tot dit platform, dat je verschillende mogelijkheden biedt om expertise op te zoeken en nieuwe samenwerkingen aan te gaan met partijen uit verschillende sectoren. Zie Hoe het werkt voor meer informatie.

Met dit platform hopen we bij te dragen aan het creëren van nieuwe netwerken, die niet alleen een meerwaarde hebben voor dit NWA-programma, maar ook voor andere initiatieven of toekomstige programma’s. Het platform zal in ieder geval bestaan ​​tot de deadline voor het indienen van beknopte aanvragen (12 november 2021).

Informatie over de oproep

Voor meer informatie over de call for proposals gaat u naar NWA call.

De international MicroNanoConference is de conferentie van MinacNed voor en door leden. We organiseren dit congres jaarlijks samen met een groep leden vanuit industrie en wetenschap. Deze enthousiaste groep vrijwilligers zet hiervoor hun eigen kennis en netwerk in om een programma voor de iMNC neer te zetten.

Uit enquêtes na eerdere edities van de iMNC kwam duidelijk naar voren dat het netwerken een belangrijk doel is van de deelnemers. Een online platform biedt minder mogelijkheden voor netwerken, hierom is de focus gelegd op iMNC21 als fysiek event in de Jaarbeurs.

Vanuit dat oogpunt was dit jaar de locatie gereserveerd, was er een internationale groep aan sprekers uitgenodigd en stond er een fantastisch programma klaar dat zowel op technische thema’s als ook op meer maatschappelijk brede thema’s ingaat. Echter, voor een geslaagd evenement hebben we niet alleen een goed inhoudelijk en georganiseerd programma nodig maar vooral ook de inzet en steun van deelnemers en sponsoren die als exposant willen deelnemen.

Het blijkt ontzettend lastig om in deze tijden van grote onzekerheid door de Covid-19 maatregelen tijdig voldoende zekerheid te krijgen dat we een congres kunnen organiseren met een grote (internationale) deelname.

Hierdoor zagen we twee risico’s ontstaan. Er was het risico (door onvoldoende deelnemers en sponsoren) dat de kosten hoger zouden uitvallen dan de inkomsten. Daarnaast was er een even groot risico voor deelnemers en voor exposanten die investeren in een evenement dat niet voldoende mogelijkheden zou bieden om te netwerken en daarmee de eigen doelstellingen te behalen. Als MinacNed en het gehele team dat de iMNC21 organiseert, moeten we deze risico’s vermijden. Daarom heeft het MinacNed bestuur helaas moeten besluiten om de iMNC21 dit jaar niet door te laten gaan.

Het bestuur van MinacNed wil alle leden, OC- en PC-commissieleden en alle betrokkenen die zich reeds hebben ingezet voor de voorbereidingen hartelijk bedanken voor hun bijdragen en daarnaast verontschuldigingen aanbieden omdat deze voorbereidingen nu helaas niet zullen uitmonden in de iMNC21.

Er wordt op dit moment gekeken of het lezingenprogramma dat is samengesteld voor iMNC21 op een andere manier kan worden gepresenteerd. Dit kan zowel in kleine fysieke events als ook in online events worden georganiseerd. In welke vorm en op welke data deze events plaats hebben is op dit moment nog niet bekend. We houden u hiervan op de hoogte.

iMNC21 geannuleerd – toelichting bestuur MinacNed (pdf)

Vergrijzing, diabetes type 2, tekort aan zorgpersoneel; onze samenleving staat voor grote uitdagingen die vragen om meer kennis en baanbrekende innovaties. Dat biedt kansen voor wetenschappers, bedrijven en publieke partijen. NWO speelt daar op in door jaarlijks via diverse subsidie-instrumenten ruim €100 miljoen te investeren in onderzoek waarin publieke en private partijen samenwerken.

De rol van het MKB

Om tot maatschappelijke en economische impact te komen is de deelname van het MKB noodzakelijk en is daarom in alle instrumenten een belangrijk partner in het onderzoek. Door het delen van kennis en het samenwerken aan innovaties kan er een vertaalslag worden gemaakt van onderzoeksresultaten naar oplossingen voor de maatschappij. Voor onderzoek dat gefinancierd wordt binnen het Kennis- en innovatieconvenant (KIC) hanteert NWO stimuleringsmaatregelen om het MKB beter te betrekken. NWO stelt twee nieuwe instrumenten beschikbaar.

Over de NWO-instrumenten

  1. Bij ‘Vraag voor Partners’ ontwikkelt een publieke en/of private partner in een partnerschap met NWO een onderzoeksprogramma rondom een bepaalde kennis- en/of ontwikkelvraag. De partner is medefinancier (min. €1.5 miljoen cash) in het programma en NWO verdubbelt dit bedrag. Dit instrument is daarmee vooral geschikt voor (een combinatie van) publieke en/of private partijen die een thematisch onderzoeksprogramma van aanzienlijke omvang willen initiëren.
  2. Bij ‘Vraag voor Consortia’ dient een consortium van kennisinstellingen, publieke en private partijen een onderzoeksvoorstel in ter beantwoording van een zelfgekozen kennis- en ontwikkelvraag.

De financiële NWO-bijdrage aan deze instrumenten is beschikbaar voor fundamenteel en praktijkgericht onderzoek, uitgevoerd door wetenschappers in samenwerking met bedrijven. De mate van cofinanciering door private partijen is voor deze instrumenten vastgesteld op 50%, en tenminste 30% van de totale omvang van het partnerschap.

Meer informatie over deze en andere onderzoeksprogramma’s is te vinden op www.nwo.nl/kic.

Bron: HollandBio news

Amsterdam, Nederland, 24 Augustus 2021 – Nikon Europe B.V. heeft aangekondigd dat het zijn eerste Nikon BioImaging Lab (NBIL) in Europa gaat openen. Voortbouwend op het succes van het NBIL in Cambridge Massachusetts (VS) en het onlangs geopende NBIL in het Shonan iPark, Fujisawa City (Japan), heeft Nikon ervoor gekozen om het Europese NBIL te vestigen in het prestigieuze Leiden Bio Science Park (LBSP), het grootste life sciences cluster in Nederland.

Dr. Volodymyr Nechyporuk-Zloy, NBIL manager, commented“”We zijn erg enthousiast dat we op het punt staan ​​de nieuwe NBIL te lanceren in een van de top vijf van meest succesvolle life sciences-parken in Europa. Onze boodschap aan de vele life science- en zorgbedrijven in de omgeving: we komen eraan en willen uw technologie ondersteunen. NBIL-Leiden biedt geavanceerde, volledige beeldvorming service oplossingen, evenals de diensten van deskundige biologen en microscopisten, die beschikbaar zijn voor het leveren van hoogwaardige celcultuur, monstervoorbereiding, data-acquisitie en data-analyse. NBIL-Leiden is er om u op aanvraag deskundige beeldvormingsondersteuning te bieden.”

Directeur van Stichting Leiden Bio Science Park, Ida Haisma, verwelkomt Nikon Europe op het LBSP, “We zijn erg blij dat Nikon heeft gekozen voor het Leiden Bio Science Park (LBSP) voor zijn Nikon BioImaging Lab. Wij zijn van mening dat de gedeelde diensten die Nikon via deze faciliteit aanbiedt, zeer gunstig zullen zijn voor de aantrekkelijkheid van de LBSP. Het zal ook de transformatie van het LBSP naar een Innovation District een boost geven! Daarnaast zal de NBIL een lang gekoesterde wens vervullen van veel startende en middelgrote bedrijven en onderzoekers van de verschillende instituten die aan het LBSP zijn gevestigd..”

NBIL-Leiden biedt particuliere bedrijven en academische instituten een unieke kans om de nieuwste microscooptechnologie te gebruiken, kernvaardigheden te ontwikkelen in een breed scala van monstervoorbereiding en microscopie-beeldvormingsexperimenten, en hun netwerkmogelijkheden te vergroten via vergelijkbare gemeenschappen in heel Europa. Ondersteuning omvat Nikon’s marktleidende systemen voor confocale microscopie met superresolutie en beeldvorming met hoge inhoud. Verder wordt de geavanceerde beeldanalysedienst op krachtige werkstations met dataopslag- en beheersystemen geleverd.

Nikon Europe B.V. is dankbaar voor de hulp van InnovationQuarter, de regionale economische ontwikkelingsorganisatie van de Provincie Zuid-Holland, die ons heeft geholpen bij het vinden van de juiste locatie en de communicatie heeft gecoördineerd om de samenwerking met het Leiden Bio Science Park te ontwikkelen.